Modus:  
De werkbank
 IVT Minimaliseren

III De inkomensvervangende tegemoetkoming.

De inkomensvervangende tegemoetkoming wordt toegekend aan personen die wegens hun handicap niet in staat zijn om meer dan een derde te verdienen van wat een gezond persoon door uitoefening van een beroep op de algemene arbeidsmarkt kan verdienen (tewerkstelling in een beschutte werkplaats wordt niet gerekend tot de algemene arbeidsmarkt.). Of anders gezegd: van wie het verdienvermogen ten opzichte van een gezond persoon verminderd is met minstens 66 %.

Hoeveel je krijgt als IVT hangt af van je gezinstoestand en je inkomen. Wat betreft de gezinstoestand is het centrale criterium huishouden. Wat is een huishouden? Een huishouden is elke samenwoning van 2 personen die geen bloed- of aanverwant zijn tot de eerste, tweede of derde graad. Om dit te verduidelijken enkele voorbeelden:

Vader Wilfried heeft twee kinderen: Jan en Ann. Zijn vrouw is enkele jaren geleden overleden. Hun oma is Eva. Hun nicht is Veerle en hun tante is Tine. 

Veronderstel nu volgende situaties:

  • Wilfried en Jan wonen samen: geen huishouden

  •  Jan en Eva wonen samen: geen huishouden

  • Ann en Tine wonen samen: geen huishouden

  • Ann en Veerle wonen samen: huishouden


Houd de definitie van huishouden in je achterhoofd. Je hebt drie categorieën: A, B, C.

Categorie C: de persoon met een handicap die een huishouden vormt met een partner (man of vrouw). Het maakt niet uit of beiden getrouwd zijn of wettelijk samenwonend zijn of onder hetzelfde dak wonen. Het samenwonen wordt vermoed wanneer er sprake is van slechts één hoofdverblijfplaats. De persoon met een handicap mag met alle mogelijke middelen het tegenbewijs leveren. 

  • Jan en Piet zijn verleden jaar getrouwd.

  • Erik woont samen met Anke.

  • Tom woont in bij zijn hartsvriendin Iona.

 

Wie ook tot categorie C behoort is de persoon met handicap die één of meer kinderen ten laste heeft. 

 Een kind ten laste is:
een persoon jonger dan 25 jaar waarvoor de persoon met handicap of zijn partner kinderbijslag of onderhoudsgeld ontvangt;
een persoon jonger dan 25 jaar waarvoor de persoon met handicap onderhoudsgeld betaalt (vastgelegd bij vonnis of bepaald in een overeenkomst bij echtscheiding met onderlinge toestemming)

Danny en Katleen hebben een zoon Piet van 23 jaar. Danny heeft MS: Danny behoort tot categorie C.

Danny en Katleen besluiten uit elkaar te gaan, ze scheiden met onderlinge toestemming.

Veronderstel nu: Danny woont samen met zijn zoon Piet, die al twee jaar werkt en voor wie hij geen kinderbijslag noch onderhoudsgeld meer ontvangt. Danny behoort niet tot categorie C.

Danny woont samen met zijn zoon Piet  voor wie hij nog kinderbijslag ontvangt: categorie C.

Piet woont bij zijn mama en Danny betaald een onderhoudsgeld. Danny behoort tot categorie C.

 

 Categorie B: wie alleen woont of niet behoort tot C en 3 maand dag en nacht in een instelling verblijft. 

  • Martha heeft een verstandelijke handicap en woont in een instelling samen met anderen in een leefgroep. 

  • Piet is een rolstoelgebruiker en woont in een project zelfstandig wonen

 

Categorie A: al wie niet tot categorie B of C behoort. 

  • Jan is blind en woont nog bij zijn ouders.

Er kan per huishouden slechts één persoon zijn die het bedrag geniet dat overeenstemt met de categorie C. Indien 2 personen met een handicap in een huishouden tot categorie C behoren, zal elk van hen het bedrag ontvangen dat overeenstemt met categorie B.

Wat is het maximumbedrag dat je kan krijgen voor de inkomensvervangende tegemoetkoming? (bedragen op 01/09/2008)

 

Categorie A (inwonende) : 5695,31 euro

Categorie B (alleenstaande) : 8542,97 euro

Categorie C (met persoon ten laste) : 11390,63 euro

 

Voor de inkomensvervangende tegemoetkoming zijn er een aantal vrijstellingen op het inkomen. Met andere woorden inkomen dat je mag hebben zonder dat je je inkomensvervangende tegemoetkoming verliest.
Er is een vrijstelling op het inkomen uit eigen arbeid, een vrijstelling op het inkomen van de partner en een vrijstelling op andere inkomsten. Alles wat je meer verdient wordt in mindering gebracht van je tegemoetkoming. 

 

 Op eigen arbeidsinkomen is er een vrijstelling van:

50% tot 4329,61 euro

25% tussen 4329,61 en 6494,41 euro

alles boven de 6494,41 wordt volledig afgetrokken

 

Op inkomen van de partner is er 2847,66 euro vrijgesteld

Op alle andere inkomsten 609,50 euro. 

 

Deze pagina werd nagekeken op 08/04/2009.


 Afdrukken   

Build fast and affordable websites with the tools to succeed in todays market

Powered by the greatest website hosting servers

© De werkbank 2007
Registreren | Inloggen