Zoals eerder gezegd wordt de inkomensvervangende tegemoetkoming en de integratietegemoetkoming beïnvloed door de beroepsinkomsten van de persoon met een handicap, die van zijn eventuele partner, zijn werkloosheidsuitkering, zijn invaliditeitsuitkering, zijn kinderbijslag. De algemene regel is dat wat bepaalde bedragen te boven gaat, afgetrokken wordt van het basisbedrag. Op deze regel zijn heel wat verzachtingen; er zijn heel wat vrijstellingen.
A We bekijken eerst de inkomensvervangende tegemoetkoming (bedragen op 01/09/2008)
Voor de berekening van de inkomensvervangende tegemoetkoming wordt geen rekening gehouden met:
A.1. 2847,66 euro van het inkomen van de persoon met wie de persoon met een handicap een huishouden vormt (dit is de helft van het basisbedrag van categorie A voor de inkomensvervangende tegemoetkoming).
Jan woont samen met Veerle, Jan werkt niet, hij heeft een integratietegemoetkoming van 12 punten. Veerle werkt halftijds en verdient 10000 euro op jaarbasis.
Jan woont samen met Veerle, dus ze vormen een huishouden, waardoor hij tot categorie C behoort.
Veerle heeft beroepsinkomsten die 10000 euro bedragen. Daarvan wordt er 2847,65 euro vrijgesteld. Voor de berekening van de inkomensvervangende tegemoetkoming van Jan wordt dus nog 7152,34 euro van het inkomen van Veerle in rekening gebracht. Het basisbedrag van inkomensvervangende tegemoetkoming is 11390,63 euro. Hiervan wordt er 7152,34 euro van afgetrokken. De inkomensvervangende tegemoetkoming bedraagt 4238,29 euro
A.2. Een gedeelte van het beroepsinkomen van de persoon met een handicap:
50 % van de inkomensschijf tussen 0,01 euro en 4329,61 euro en 25 % van de inkomensschijf tussen 4329,61 euro en 6494,41 euro. De inkomensschijf vanaf 6494,41 euro wordt niet vrijgesteld. Het maximum vrijgestelde bedrag bedraagt dus 2706,0195 euro.
Anneke heeft 7 punten voor de integratietegemoetkoming , ze woont nog bij haar ouders. Ze heeft jaarlijkse beroepsinkomsten van 6200 euro.
Aangezien ze inwonend is bij haar ouders, behoort ze voor de inkomensvervangende tegemoetkoming tot categorie A.
Van die 6200 euro wordt er 50 % van de inkomensschijf tussen 0,01 euro en 4329,61 euro vrijgesteld, is dus 2164,81 euro. Vervolgens wordt 25 % van de inkomensschijf tussen 4329,61 euro en 6494,41 euro vrijgesteld of 541,20 euro. Het totaal vrijgestelde bedrag bedraagt 2706,01 euro.
Anneke heeft beroepsinkomsten die 6200 euro bedragen. Daarvan wordt er 2706,01 euro vrijgesteld. Voor de berekening van de inkomensvervangende tegemoetkoming van Anneke wordt dus nog 3493,99 euro van het inkomen in rekening gebracht. Het basisbedrag van inkomensvervangende tegemoetkoming is 5695,31 euro. Hiervan wordt er 3493,99 euro van afgetrokken. De inkomensvervangende tegemoetkoming bedraagt 2201,32 euro.
A.3. 609,50 euro van de andere inkomsten.
Annelies woont alleen, werkt niet. Ze heeft een integratietegemoetkoming van 18 punten. Daarnaast heeft ze een invaliditeitsuitkering van 2750 euro.
Van die 2750 euro wordt er 609,50 euro vrijgesteld. Of met andere woorden 609,50 euro wordt afgetrokken van 2750 euro. Het verschil 2140,50 euro telt mee om de inkomensvervangende tegemoetkoming te berekenen. Het basisbedrag van inkomensvervangende tegemoetkoming is 8542,97 euro (cat B). Hiervan wordt er 2140,50 euro van afgetrokken. De inkomensvervangende tegemoetkoming bedraagt (8542,97-2140,50) 6402,47 euro.
B We bekijken nu de integratietegemoetkoming. (bedragen op 01/09/2008)
Voor de berekening van de integratietegemoetkoming wordt geen rekening gehouden met:
B.1. 19935,68 euro van de beroepsinkomsten van de persoon met een handicap per jaar. De helft van de beroepsinkomsten die deze grens overschrijden wordt afgetrokken van de integratietegemoetkoming.
Jeroen is getrouwd met Ida, dus categorie C. Jeroen heeft een integratietegemoetkoming van 12 punten. Jeroen werkt en verdient jaarlijks 22000 euro. Ida zorgt thuis voor de kinderen. Aangezien Jeroen meer verdient dan 2706,01 euro, verliest hij zijn inkomensvervangende tegemoetkoming. Voor zijn integratietegemoetkoming wordt 19935,68 euro van zijn beroepsinkomen vrijgesteld. Dan blijft er nog 2064,32 euro over. Dit delen we door 2 (= 1032,16 euro). De ene helft is vrijgesteld, de andere helft wordt afgetrokken van het basisbedrag van de integratietegemoetkoming. Dus basisbedrag (5778,51–1032,16) = 4746,35 euro. De integratietegemoetkoming van Jeroen bedraagt 4746,35 euro
B.2. De vervangingsinkomsten van de persoon met een handicap worden als volgt vrijgesteld:
Opmerking : voor de integratietegemoetkoming ligt de vrijstelling op het arbeidsinkomen tussen 0 en 19935,68 euro. Ze kan nooit meer dan dit bedrag bedragen. Indien de beroepsinkomsten kleiner zijn dan 19935,68 euro, bestaat de arbeidsvrijstelling uit de werkelijke beroepsinkomsten.
B.3.a. Vrijstelling van 2847,55 euro op vervangingsinkomens.
Wanneer betrokkene naast het inkomen uit arbeid nog een vervangingsinkomen geniet mag dit voor maximum 2847,55 euro mee opgenomen worden in de vrijstelling op inkomen uit arbeid, tot daar de maximale grens bereikt is.
Ines (IVT C IT 4) woont samen met Wouter en heeft een arbeidsinkomen van 14000 euro en een invaliditeitsuitkering van 2000 euro. Haar arbeidsinkomen is kleiner dan 19935,68 euro. Haar arbeidsvrijstelling bedraagt dus 14000 euro.
Haar vervangingsinkomen van 2000 euro is kleiner dan 2847,55euro, ook dit is volledig vrijgesteld.
We moeten wel controleren of de som van beide inkomens de grens van 19935,68 euro niet te boven gaat. Hier is dit niet het geval.
Veronderstel : Zelfde situatie maar Ines heeft een arbeidsinkomen van 17500 euro en een vervangingsinkomen van 2500 euro.
Haar inkomen uit arbeid is < dan 19935,68 euro dus volledig vrijgesteld. Haar vervangingsinkomen is < dan 2847,55 euro dus denken we op 't eerste zicht ook vrijgesteld, maar als we de controle doen:
17500 + 2500 = 20000 euro
De som van vrijstelling uit arbeid en vervangingsinkomen mag samen niet meer zijn dan 19935,68 euro. Hier is het vervangingsinkomen maar voor 2435,68 euro vrijgesteld. (19935,68 - 17500 = 2435,68) De rest van 64,32 euro (2500 - 2435,68) wordt afgetrokken van haar tegemoetkoming. zie ook B.3.c.
B.3.b. 0 euro als de beroepsinkomsten meer bedragen dan 19935,68 euro (meer verdienen dan 19935,68 euro: is de maximale vrijstelling op arbeidsinkomsten en geen vrijstelling meer op vervangingsinkomsten. De grens is bereikt.)
Ines (IVT C IT 4) woont samen met Wouter en heeft een arbeidsinkomen van 21000 euro en een invaliditeitsuitkering van 2000 euro. Haar arbeidsinkomen is groter dan 19935,68 euro. Haar arbeidsvrijstelling bedraagt dus 19935,68 euro. Het bedrag dat moet overgedragen worden bedraagt 532,16 euro (21000-19935,68= 1064,35:2). Omdat het loon meer bedraagt dan 19935,68 euro, worden de vervangingsinkomsten niet vrijgesteld. Deze worden dus volledig van de IT in mindering gebracht. Het bedrag aan IT dat Ine zal ontvangen is 5883,40 namelijk:
basisbedrag 8418,56- 2535,16 (532,16 teveel aan loon + 2000 vervangingsinkomen) = 5883,40 euro.
B.3.c. Als de vrijstelling op het arbeidsinkomen tussen de 17088,13 en de 19935,68 euro ligt kan het vervangingsinkomen maar in rekening worden gebracht voor zover de grens van 19935,68 niet is bereikt. Het maximum van 2847,55 dat mag vrijgesteld worden voor het vervangingsinkomen zal hier dus niet behaald worden.
Jan woont alleen en heeft 12 punten (IVT B IT 3). Jan heeft een inkomen van 19000 euro. Daarnaast heeft hij een werkloosheidsuitkering van 3000 euro. Het arbeidsinkomen bedraagt 19000 (kleiner dan 19935,68 euro), dus bedraagt de arbeidsvrijstelling 19000.
De vrijstelling van het vervangingsinkomen wordt als volgt berekend:
19935,68 - 19000 = 935,68 dat nog in mindering mag worden gebracht van de 3000. Of 3000 - 935,68 = 2064,32 teveel aan inkomsten voor de berekening van de IT.
Bedrag van IT voor Jan= max voor cat 3 is 5778,51- 2064,32 = 3714,19 euro
B.4. Van de andere inkomsten worden de volgende inkomsten vrijgesteld:
Onder andere inkomsten wordt het volgende verstaan: onderhoudsgeld, de niet vrijgestelde vervangingsinkomens van de persoon met een handicap.
B.4.1. Categorie A, categorie B of categorie C
Er wordt gebruik gemaakt van een vrijstelling, afhankelijk tot welke categorie je behoort. Er is een categorievrijstelling op het vervangingsinkomen en de andere belastbare inkomsten van de persoon met een handicap.
Er wordt gewerkt met een maximale categorievrijstelling van 5366,31 euro voor de categorie A, 8049,46 euro voor de categorie B en 10732,61 euro voor de categorie C.
Jef en Marie zijn beiden gehandicapt. Jef heeft een IT cat 3 en Marie heeft een IT cat 1. Jef heeft een ziekte en invaliditeitsuitkering van 9800 euro. Marie een werkloosheidsvergoeding van 7150 euro. Hoe ziet de IT van Jef eruit?
De in aanmerking te nemen inkomsten:
Marie 7150 - 19935,68 (vrijstelling op inkomen partner) = 0
Jef 9800 - 10732,61 (categorievrijstelling voor C) = 0
Jef heeft recht op zijn volledige integratietegemoetkoming van 5778,51 euro.
Deze pagina is nagekeken op 08/04/2009.